Skip to content

Zevenhonderd meter

26 september 2017

Zaterdag was niet alleen voor mij de dag van de wedstrijd. Ook mijn dochter die pas zes geworden is, liep haar allereerste wedstrijd ooit. Een uurtje voor de start van de volwassenen kwamen de kinderen van zes tot negen jaar oud al eens sprinten over de zeedijk. Ze keek er heel erg naar uit, zowel naar de wedstrijd als naar het fietsen er heen en terug, het supporteren voor mij langs het parcours.

Met onze loopkleren aan fietsten we naar de start. We stalden onze fietsen vlak bij de Kursaal en haalden allebei ons startnummer op. Ze ging helemaal vooraan staan tussen jongens van negen jaar oud bij de start. Ondanks de vele camera’s – ze houdt niet altijd even veel van foto’s – bleef ze moedig de pogingen van de andere kinderen om vooraan te komen staan, afhouden. Zevenhonderd meter, dat was de afstand die ze elke dag vier keer fietste naar school en terug. Lopen kon ze dat ook wel, alleen wist ze natuurlijk niet hoe snel die oudere kinderen wel waren.

Ik keek toe vanop zo’n vijftig meter van de start, om mee te kunnen lopen eens ze mij passeerde. Ze rende de longen uit haar kleine lijfje, zo hard ze kon om mee te kunnen met de eersten. Ze staken haar voorbij en ik zag haar vertragen en boos worden omdat ze voorbijgestoken werd. Ik bleef haar aanmoedigingen toeroepen, ik probeerde haar richting de finish te schreeuwen. Hier en daar vielen kindjes over hun eigen voeten of over die van anderen, in pogingen om voorbij te steken.

De groep draaide rond het keerpunt en ze zat nog vrij goed vooraan. Ze keek, greep naar haar milt en riep dat ze niet meer kon. Gewoon volhouden schreeuwde ik, niet te snel proberen gaan. Ze leek mij te hebben begrepen en hield een iets rustiger tempo aan tot de eindmeet. Zevenhonderd meter had ze alles gegeven om te winnen, want ook al had ik haar verteld dat meedoen belangrijker was, daar was ze het niet mee eens. Dat ze niet zou winnen, begreep ze wel. Ze was trots op haar medaille die ze aan de finish kreeg en op haar startnummer. Een echte wedstrijd, stel je voor!

Daarna moest ze nog een kleine twee uur geduld oefenen tot ik arriveerde van mijn veertien kilometer, om samen terug naar huis te kunnen fietsen. De duisternis in, veel sneller dan wie met de auto was, kwamen wij thuis. De ervaring hield haar nog een paar minuten bezig voor ze in slaap viel in haar bedje. De lopers, de lichtjes, de sterren, de maan, het fietsen… Haar dromen zullen ermee gevuld geweest zijn!

Advertenties

From → autobio

Geef een reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: